Het ziekteverzuimkostenpercentage berekenen: een stap voor-stap uitleg

Het ziekteverzuimkostenpercentage berekenen: een stap voor-stap uitleg

Deeltijdfactor toepassen op kalenderdagen. Wachtdagen filteren. En dat consistent herhalen voor elke medewerker, elke maand, voor een compleet klantenbestand. Het ziekteverzuimkostenpercentage (ZVKP) is een waardevol cijfer, maar de handmatige berekening ervan is precies het soort tijdrovend, foutgevoelig werk waar je als arbodienst geen tijd aan zou moeten willen verspillen.

Toch is het de moeite waard om te weten hoe de berekening precies werkt. Niet omdat je dit zelf elke maand moet gaan uitrekenen, maar omdat je dan exact begrijpt welke logica er achter een betrouwbare rapportage zit. In dit artikel lopen we de rekenregels stap voor stap door zoals CompuCase ze toepast: op basis van kalenderdagen, met correctie voor deeltijd.

Dit artikel is een verdieping op ons eerdere artikel over het verschil tussen het verzuimpercentage en de daadwerkelijke verzuimkosten. Ken je dat onderscheid nog niet, dan is het de moeite waard om dat eerst te lezen.


Wat je nodig hebt voor de berekening

Voordat je het ZVKP kunt berekenen, heb je twee gegevens per medewerker nodig over de gekozen periode: de loonkosten per dag, en het aantal verzuimde kalenderdagen. Voor de loonkosten tellen niet alleen het brutosalaris mee, maar ook sociale lasten zoals de premie voor het ziekterisico, WW-premie en de premie voor de zorgverzekeringswet. Bijdragen aan overige regelingen, zoals pensioen en VUT, horen hier ook bij.

Bij de kalenderdagmethode reken je verzuimde dagen niet om naar werkdagen. Je telt de kalenderdagen die vallen binnen de verzuimperiode, en trekt daar de wachtdagen vanaf die voor eigen risico van de werknemer komen, voor zover die van toepassing zijn binnen de organisatie.


De deeltijdfactor: kern van de methode

Bij de kalenderdagmethode zorgt de deeltijdfactor ervoor dat parttime en fulltime medewerkers eerlijk worden meegewogen. Deze factor wordt berekend door het aantal contracturen van een medewerker te delen door het aantal uren van een volledige aanstelling. Een medewerker die 20 uur werkt bij een fulltime norm van 40 uur heeft een deeltijdfactor van 0,5.

Het bijzondere aan de kalenderdagmethode is dat je deze factor aan beide kanten van de berekening toepast: zowel op het aantal verzuimde dagen (teller) als op het aantal kalenderdagen in de periode (noemer). Zo wordt voorkomen dat het verzuim van parttimers te zwaar meeweegt in het eindresultaat, terwijl de vergelijkbaarheid met fulltimers behouden blijft.


De berekening in vijf stappen

1. Bepaal de loonkosten per dag per medewerker. Neem het brutoloon inclusief sociale lasten en overige bijdragen, en reken dit om naar een dagbedrag voor de gekozen analyseperiode.
2. Bepaal het aantal verzuimde kalenderdagen per medewerker en trek de niet-doorbetaalde wachtdagen hiervan af.
3. Vermenigvuldig het aantal verzuimde kalenderdagen (stap 2) met de deeltijdfactor van de medewerker. Dit is de gecorrigeerde verzuimduur.
4. Vermenigvuldig de loonkosten per dag (stap 1) met de gecorrigeerde verzuimduur (stap 3) per medewerker. Dit levert de doorbetaalde loonkosten bij ziekte op voor die medewerker in de gekozen periode. Herhaal dit voor iedere medewerker in de populatie.
5. Tel de uitkomsten van stap 4 op voor alle medewerkers, en deel dit door de totale loonkosten van de populatie (eveneens gecorrigeerd met de deeltijdfactor in de noemer) vermenigvuldigd met honderd procent. Het resultaat is het ziekteverzuimkostenpercentage: het aandeel van de totale loonsom dat opgaat aan doorbetaald verzuim.

Een belangrijk detail bij stap 4: houd rekening met de hoogte van de loondoorbetaling. Bij veel organisaties wordt niet honderd procent van het loon doorbetaald tijdens ziekte, maar bijvoorbeeld zeventig procent na een bepaalde periode. In dat geval vermenigvuldig je de uitkomst van stap 4 met de toepasselijke factor, dus 0,7 bij een doorbetaling van zeventig procent, voordat je verder rekent.


Een vereenvoudigd rekenvoorbeeld

Stel: een fulltime medewerker (deeltijdfactor 1) verdient inclusief sociale lasten 280 euro aan loonkosten per dag. In een kwartaal verzuimt deze medewerker 14 kalenderdagen. Er geldt geen eigen risico voor wachtdagen, en het loon wordt voor honderd procent doorbetaald. De doorbetaalde loonkosten voor deze medewerker komen dan uit op 280 euro maal 14 is 3920 euro voor die periode.

Voor een parttimer met dezelfde loonkosten per dag maar een deeltijdfactor van 0,5, tellen dezelfde 14 verzuimde kalenderdagen mee als 7 gecorrigeerde dagen: 280 euro maal 7 is 1960 euro.

Als de totale loonkosten van de organisatie in datzelfde kwartaal 400 duizend euro bedragen, en de opgetelde verzuimkosten van alle medewerkers samen komen uit op 18 duizend euro, dan is het ziekteverzuimkostenpercentage voor die periode gelijk aan viereneenhalf procent. Dat betekent dat viereneenhalf procent van de totale loonsom in dat kwartaal is besteed aan doorbetaald verzuim zonder dat daar productie tegenover stond.


Wat het percentage niet meet

Het ZVKP zoals hierboven berekend, geeft de directe loonkosten van verzuim weer. Indirecte kosten, zoals overheadtoeslagen of productiviteitsverlies door vervanging, zitten hier niet in. Die kosten verschillen te sterk per organisatie om in een algemene standaard vast te leggen: bij de ene organisatie blijft werk liggen tot de medewerker terug is, bij de andere wordt direct vervangende arbeid ingehuurd tegen extra kosten. Het berekende percentage is daarmee een betrouwbare ondergrens van de werkelijke kosten, niet het volledige plaatje. Vermeld deze nuance altijd bij het delen van het cijfer met een werkgever, zodat er geen onterechte conclusies worden getrokken over wat er wel en niet in het percentage is meegenomen.


Hoe vaak bereken je het ZVKP?

De berekening van verzuimgrootheden gebeurt meestal per kwartaal of per jaar. Bij kwartaalcijfers is het belangrijk om rekening te houden met seizoensinvloeden, zoals griepepidemieen in de wintermaanden, die een tijdelijke piek in het percentage kunnen veroorzaken zonder dat er sprake is van een structurele trend. Dat los je op door te werken met voortschrijdende gemiddelden: je kijkt niet naar een geisoleerd kwartaal, maar naar het gemiddelde over de laatste vier kwartalen, zodat seizoenspieken worden uitgemiddeld.

Bij grotere werkgevers met veel medewerkers kan het zinvol zijn om maandcijfers te berekenen, al gaat de methodologische voorkeur meestal uit naar periodes van vier weken in plaats van kalendermaanden, omdat dat voor consistentere vergelijkingen zorgt. Voor de meeste arbodiensten en hun klanten is een kwartaalrapportage met een voortschrijdend jaargemiddelde de praktische middenweg: frequent genoeg om trends te signaleren, stabiel genoeg om niet te reageren op toevalsschommelingen.


Consistent rapporteren aan meerdere werkgevers

Voor een arbodienst die verzuimkosten rapporteert aan meerdere werkgevers tegelijk, is consistentie in de berekening minstens zo belangrijk als de berekening zelf. Als de ene rapportage rekening houdt met de deeltijdfactor en de andere niet, ontstaan er cijfers die op papier vergelijkbaar lijken maar dat in werkelijkheid niet zijn. Een vaste, systematische berekening voorkomt dat probleem. Elke werkgever krijgt dezelfde rekenmethode toegepast, ongeacht wie de rapportage samenstelt.


Waarom je dit niet handmatig wil blijven doen

Deze berekening per medewerker uitvoeren, optellen en vervolgens consistent herhalen voor een compleet klantenbestand van een arbodienst, is foutgevoelig en tijdrovend. Een enkele verkeerd toegepaste deeltijdfactor of een gemiste correctie voor het doorbetalingspercentage werkt door in het eindresultaat, en bij tientallen werkgevers tegelijk is dat risico reeel.

CompuCase berekent op basis van de vastgelegde loon- en verzuimgegevens automatisch de netto schade en tal van andere statistieken, volgens de kalenderdagmethode met deeltijdcorrectie. Die uitkomsten verwerk je direct in maatwerkrapportages die je met een werkgever deelt, zonder dat een casemanager daarvoor zelf handmatig per medewerker hoeft te rekenen.

Lees ook het pillar-artikel voor een uitgebreider beeld van waarom het ziekteverzuimkostenpercentage een ander verhaal vertelt dan het verzuimpercentage. Of plan een demo bij CompuCase en we laten je zien hoe de rapportages eruitzien in de praktijk.

Lees: Je verzuimpercentage is laag Plan een demo